Goud van Oud
Waar: voor OBS Parkwijck, Parkwijk
‘De koe is melk rijp aan het maken!’
Koeien…..op zaterdag middag bedaard in de wei…..koe-ien. een vliegtuig vliegt over, een trein gaat voorbij en stil staan er altijd koe-ien….Brigitte Kaandorp klinkt door de VIP Bus, 5 kinderen luisteren aan tafel en Hein Dorrestijn zit met zijn handen gevouwen aan de kop van de tafel.
Boerenzoon wordt baas
Vanmiddag vertelt zakenman en oudste zoon van een boerenfamilie, Hein Dorresteijn zijn verhaal over de boerderij en het volgen van je passie. Op tafel staat een klein pluchen koetje dat gaat loeien als je in hem knijpt. De kinderen grijpen af en toe midden in het verhaal de koe om hem even te laten loeien. Verder hebben ze verrassend veel aandacht en hangen ze aan Heins lippen.
Uit een tas met boerderijspullen – zakje hooi, koeienstamboom, diept Hein een fotoboek op, slaat het open en wijst op een statig zwart-wit portret: ‘Dit is mijn vader. En dit is het hele gezin, met 7 kinderen. Ik ben een boerenzoon, geboren op de boerderij. En dan word je vanzelfsprekend boer. Maar waar het mij om gaat in dit gesprek jongens en meisjes, ik besloot dat ik geen boer wilde worden en ging studeren aan de Landbouwschool in Utrecht. Mijn vader wilde dat niet, hij vond: je wordt ook boer.’

Vla uit de koe en uieren
Het gaat vandaag in de VIP Bus ondermeer over de keuzes die je kunt maken en het volgen van je eigen passie. Maar het gaat ook vooral over de koeien en het boerenbedrijf, want daar weet Hein ontzettend veel van af. ‘Koeien zorgen voor melk,’ begint Hein. ‘En yoghurt, kaas, karnemelk, vla….’ vult een meisje aan. ‘Ja maar eerst voor melk’, zegt Hein. ‘En waar ik aan gewerkt heb in mijn leven, is om te kijken hoe de koeien meer melk gaan geven. Ik ben de beste koeien gaan selecteren. Hoe doe je dat denken jullie, selecteren?’
Jongen: ‘Dat zie je aan de kont!’
Hein: ‘Nee, aan de uier.’
De jongen heeft een associatie met de uier en vertelt driftig over een koe waar siroop uit kwam als je hem ging ‘uieren’.’ Dat heet geen uieren, maar melken corrigeert Hein. En wat doet de koe eigenlijk als hij ligt te niksen? Dat weten de kinderen wel:
‘Hij is aan het zonnen!’
‘Hij is melk rijp aan het maken!’
Hein legt het herkauwen uit, van de ene maag naar de andere, van de pens naar de netmaag en dan de boekmaag. ‘Boekmaag? Zitten daar boeken in?’ reageert een meisje. Hein gaat verder: ‘Weten jullie wat darmen zijn?’ ‘Nee! Dat wil ik niet horen,’ roept een jongen. Dan gaat het gesprek over het melken: een koe geeft 50 liter melk per dag, met de melkrobot gaat dat tegenwoordig. De kinderen willen weten hoe de koe dan naar de robot wordt gelokt, met een lekker geurtje? ‘Nee, met voedsel’, zegt Hein. ‘De transponder herkent de koe en ziet: daar is Maria25. ‘Hallo Maria25, fijn dat je er weer bent!’ roept een meisje uit. ‘Elke koe heeft een naam.’ En Hein pakt een koeienstamboom erbij van zijn broer. Rika, sofia, Rika 1, Rika 2 tot Rika 600….
Waarom doet de robot het werk? ‘De mensen zijn veel luier nu!’ zegt een meisje. ‘De hersens doen het werk!’ zegt een jongen.

Passie
Een meisje merkt op: ‘Maar u bent geen boer geworden, maar wat dan wel?’ Hein: ‘Ik ben baas geworden.’ ‘O, een beetje rijk worden!?’ reageert een jongen. Dennis vraagt naar de passie van de kinderen aan tafel. De jongens: voetbal! De meisjes: bbq-en en vriendinnen. Het ene meisje wil later dierenarts worden of de drankenwinkel van haar vader overnemen.
‘Hé heet u Hein?’ vraagt het meisje van de dierenarts wens ineens. ‘Dan ken ik een liedje. Daar boven op de berg, daar boven op de berg, daar stond een stier, daar stond een stier, hij gaf geen melk, hij gaf geen melk, maar Heineken bier, van je helahelahelaholalala!’
Kaandorp opende de bijeenkomst zingend over koeien, en we eindigen met een stierenlied. De kinderen weten meer over koeien, Hein pakt zijn spulletjes weer in, de kinderen snuffelen nog even rond in de bus, durven het niet aan de sprinkhaan op te eten en springen op hun fietsjes. De VIP bus rijdt weer naar Utrecht, met koeienposter en al.’